• Ieper 1917

Boek je overnachting in Ieper

Ieper en WOI

Ieper en WOI

Van oktober 1914 tot oktober 1918 bevond het slagveld zich op luttele kilometers van het centrum van Ieper. De loopgraven lagen van noord naar zuid in een boog rond Ieper. In die fameuze Ieperboog of Ypres Salient werden maar liefst vijf bloedige veldslagen uitgevochten.

Ieper was een van de grote martelaarssteden van de Eerste Wereldoorlog. Enkele maanden na de Duitse inval in België op 4 augustus 1914 liep het front vast bij de kleine, middeleeuwse stad Ieper. De eerste slag bij Ieper was een feit.

Op 22 april 1915 begon de Tweede Slag bij Ieper met de eerste grote gasaanval ooit. Het chloorgas versmoorde duizenden geallieerde militairen, vooral Franse troepen met heel wat Noord-Afrikanen. Het was de eerste keer in de geschiedenis dat een massavernietigingswapen werd ingezet. Ook later in de oorlog bleek de Ypres Salient een experimenteel slagveld te zijn: hier werd in juli 1915 voor de eerste keer een vlammenwerper ingezet. In juli 1917 is het de beurt aan het verschrikkelijke mosterdgas, ook wel ‘Ieperiet' genoemd.

Van 31 juli tot 10 november 1917 woedde de Derde Slag bij Ieper, naar zijn eindfase wel eens als 'Slag bij Passendale' aangeduid. Het was een slachting zonder weerga. Over de zin van dit offensief wordt nog altijd gediscussieerd.

In de loopgraven en in het niemandsland rond de stad sneuvelden ongeveer een half miljoen mensen tussen 1914 en 1918. Onder hen niet alleen Duitsers, Fransen, Britten en Belgen maar ook Marokkanen, Algerijnen, Tunesiërs, Senegalezen, Canadezen, Australiërs, Nieuw-Zeelanders, Zuid-Afrikanen, Chinezen, Indiërs, Jamaicanen en nog vele andere nationaliteiten.

Tijdens de vier jaar durende oorlog werd de stad in het hart van de Ieperboog letterlijk met de grond gelijkgemaakt. De laatst overgebleven inwoners werden begin mei 1915 verplicht geëvacueerd. Vanaf dan woonde er niemand in de spookstad Ieper.
Begin 1919 keerden de eerste bewoners naar hun vernietigde stad terug en begon schoorvoetend de wederopbouw. De eerste jaren woonden de teruggekeerde en de nieuwe Ieperlingen in houten noodwoningen.
Vanaf 1921 kwam de wederopbouw pas echt op gang.

Nog in de jaren 1920 werden ook de meer dan honderdvijftig militaire begraafplaatsen in en om de stad aangelegd en werden monumenten gebouwd waarvan de Menenpoort de belangrijkste was.
Die monumenten en begraafplaatsen, maar ook de al dan niet getrouw heropgebouwde huizen herinneren ons tot op vandaag aan de zinloosheid van de oorlog en aan de meest tragische periode uit de geschiedenis van Ieper.